Daar krijg ik geen energie van

Vincent Ketting in zijn column voor Bouwwereld

Het verlagen van de gastoevoer vanuit Rusland heeft een zeer grote impact op Europa. De energieprijzen verbreken het ene na het andere record en het einde is nog niet in zicht. De prijsstijgingen van elektra en gas hebben niet alleen economische gevolgen maar ook zeker op de zeer noodzakelijke en onvermijdelijke duurzaamheidsambitie van Europa.

Mijn eerste impulsieve gedachte hierbij was, laten we alsjeblieft zorgen dat Nederland niet meer afhankelijk hoeft te zijn van andere landen. Of op microschaal bekeken, laten we ervoor zorgen dat je als huishouden zelfvoorzienend bent. Samen hebben we voldoende slagkracht om de energietransitie in Nederland zelfstandig te versnellen. Maar deze gedachte blinkt niet uit in een eendrachtige Europese samenwerking.

 

Gelukkig is Nederland - al dan niet door de stijging van de energieprijzen - al flink aan het verduurzamen. Neem bijvoorbeeld het plaatsen van zonnepanelen. De wereldwijde vraag naar zonnepanelen is alleen dit jaar al met 20% gestegen. Het plaatsen van zonnepanelen dempt de behoefte aan levering van het energiebedrijf en daarmee de maandelijkse energiekosten. Op dit moment is het nog steeds mogelijk om zelf opgewekte energie terug te leveren, een extra stimulans en een middel om de investering op een redelijke termijn terug te verdienen. Voor zolang dit duurt uiteraard. Het tarief voor terugleveren daalt flink en het financiële voordeel zal op korte termijn verdwijnen waardoor de terugverdientijd vanzelfsprekend toeneemt.

 

Dagelijks om me heen hoor ik over terugleveren, en het lijkt een aantrekkelijke business case voor iedere buurman. In uitzonderlijke gevallen kan je er zelfs aan het einde van het jaar na saldering geld mee verdienen. Maar de uitvoering is geen sinecure en heeft blijkbaar ook nadelen. Zo blijkt het huidige kabelnetwerk niet altijd toereikend te zijn bij piekbelastingen die ontstaan door het overmatig terugleveren. Gevolg is dat energiemaatschappijen geen aansluitingen meer kunnen accepteren om zodoende deze overbelasting van het netwerk te voorkomen. Dit zal in sommige gebieden een (versnelde) verduurzamingen met zonnepanelen in de weg staan.

 

Laatst hoorde ik dat een koper van bouwgrond voor zijn nieuwe bedrijfsgebouw wel een elektra-aansluiting voor de bouw kon krijgen maar voorlopig geen definitieve elektra-aansluiting bij ingebruikname. Dit omdat het netwerk in het betreffend gebied al overbelast is. De koper hoorde dit pas bij het aanvragen van de bouwaansluiting, met alle reeds gemaakte voorbereidingskosten niet een bericht waar je op zit te wachten. De reactie van de netbeheerder was om voorlopig met aggregaten te gaan werken. Dit is in veel opzichten een hele slecht alternatief en al helemaal niet duurzaam.

 

Is hier sprake van een incident of is dit de nieuwe werkelijkheid? Voor ons is het in ieder geval de eerste keer dat we hiermee geconfronteerd worden. Positief hieraan is dat het opslaan van stroom voor eigen of gemeenschappelijk gebruik hiermee in een versnelling kan komen.

Ik zei al, eigenlijk wil je niet afhankelijk zijn van anderen. Maar hoe doe je dat dan? Is dit het moment om echt helemaal energieneutraal te worden en off-the-grid te gaan. Is dat überhaupt mogelijk en wenselijk? Mooi om hier eens je gedachten over te laten gaan en een flinke slag te maken met verduurzaming in het algemeen. Ik hoop dat we de obstakels snel en duurzaam overwinnen, zeker gezien de enorme bouwopgave waar we samen voor staan. Want een ding is zeker, de uitspraak ‘daar krijg ik geen energie van’ krijgt zo wel een heel andere betekenis.

 

#6 2022 | De column van Vincent (partner EGM architecten) is te lezen in elke editie van Bouwwereld - de wereld achter architectuur en bouwtechniek.